Topstuk voorgesteld: Liturgisch muziekmanuscript uit het Turnhouts begijnhof

01-11-2010

In vergelijking met andere begijnhoven heeft het Turnhoutse begijnhof niet alleen een grote boekencollectie maar ook een uitgebreide muziekcollectie. Een deel van deze laatste zijn boeken voor de liturgie van de Mis (het missaal), de liturgie van het officie (het brevier) en de liturgie van de sacramenten en zegeningen (het rituale). Vanaf de 15de — 16de eeuw werd het gebruikelijk om in een rituale gezangen op te nemen die bij processies hoorden, dit boek is een processionale (processieboek). Het processieboek bevat normaal hymnen, een litanie en gebeden die worden gelezen of gezongen tijdens de rondgang van een specifieke processie.

Het Turnhoutse boek, uit het midden van de 16de eeuw, behoorde eeuwenlang toe aan de begijnen en werd op hun vraag vermoedelijk vervaardigd in het scriptorium van de priorij van Corsendonk. Rond 1626 werden — waarschijnlijk door een begijn — collectegebeden, een responsorium en vers genoteerd en aan de mis verbonden gezangen toegevoegd. Dit wijst erop dat het boek vanaf de 17de eeuw door de celebrant en/​of voorzangster tijdens de mis is gebruikt.

Het boek werd eerst als antifonarium beschreven, maar het bevat enkel geselecteerde gezangen voor bepaalde zondagen en feestdagen (wisselende gezangen) en niet — zoals in een antifonarium — de bij een officie horende vaste gezangen. Dit is waarschijnlijk de reden waarom het bij het opmaken van de inventaris van de muziekcollectie in 2004 niet als antifonarium maar als een (responsoriaal) processionale werd beschreven. Na een analyse van de inhoud en een vergelijking met processieboeken en andere liturgische, handgeschreven en gedrukte muziekboeken kan het Turnhoutse boek beter worden omschreven als een liturgisch muziekmanuscript’, dat vooral officiegezangen bevat (metten en vespers: 110 van de circa 140 gezangen/​gebeden), waarvan een deel ook als processiegezang kan worden gebruikt.

In het manuscript komen geen grote, bladvullende miniaturen of randversieringen voor zoals in processionales die gemaakt zijn voor de adel en rijke burgers. Maar, in vergelijking met boeken die door kloosterlingen, kapittels en begijnen gebruikt werden tijdens de getijden, mis, lof, processies etc. bevat het Turnhoutse boek wel een aantal versierde initialen die het werk zijn van een ervaren verluchter. Ook de eenvoudige monochrome vergrote letters (ornamentale initialen) zijn vaak verlevendigd met rood penwerk dat in andere processionales’ niet altijd voorkomt.

Het manuscript heeft een bijzondere (muziek)historische waarde en betekenis. Muziekcollecties van de begijnenbeweging zijn niet zo talrijk, en dus een zeldzaam en te koesteren goed. Het zestiende-eeuwse handschrift is een van de oudste voorbeelden van begijnenhandschriften die ons overgeleverd zijn. Omdat deze gezangen in situ werden uitgevoerd, levert het handschrift ons een opmerkelijke blik in de leefwereld en het muziek(be)leven van de begijnen.

Het liturgisch muziekmanuscript werd gedigitaliseerd en is raadpleegbaar via de Alamire Foundation.

Fragment folio 48 verso | Begijnhofmuseum Turnhout, fotograaf Ludo Verhoeven

Bronnen/​literatuur:

  • Hofland, P., Peeters, M., Van Deun, Y., Vanden Bossche, H., & Vanistendael, C. (2021). Rapport Collectiewaardering Begijnhofmuseum
  • Vanden Bossche, H. (2020). Het Processionale herbekeken. Is het Responsoriaal Processionale’ alleen maar een
    processieboek?,
    in: Begijnhofkrant 67, p. 8 – 15
01-11-2010

Stel een vraag

Heb je vragen of wil je weten wat CEMPER voor je kan betekenen? Laat van je horen!
CEMPER vzw
Onder-Den-Toren 12
B‑2800 Mechelen
O. nr. 0683 772 202
RPR Mechelen