Topstuk voorgesteld: de Vlaamse Leeuw

17-01-2017

De Vlaamse Leeuw is sinds 1985 het volkslied van de Vlaamse Gemeenschap. Van het lied zijn twee autografen bewaard: één van componist Karel Miry (18231889) en één van de tekstschrijver Hippoliet van Peene (18111864). Beide manuscripten zijn erkend als topstuk (de muziek in 2007, de tekst in 2008).

Gebundelde ijver voor het Vlaamse repertoire

Het officiële volkslied van Vlaanderen is de vrucht van een samenwerking tussen twee artiesten die vooral naam maakten in het lichte genre. Hippoliet van Peene schreef komedies aan de lopende band en zijn jongere neef Karel Miry componeerde er de muziek bij of maakte naam met (vooral) komische opera’s en kinderliedjes. Beiden waren sterk doordrongen van invloeden uit de Franstalige theater- en operacultuur. Zodanig dat hen meermaals een gebrek aan oorspronkelijkheid verweten werd. Beiden zetten zich anderzijds vol ijver in voor de ontwikkeling van een Nederlandstalig theater- en zangrepertoire voor een groot publiek en boekten daarin succes. De Vlaamse Leeuw is het meest sprekende voorbeeld van hun gebundelde ijver.

Hippoliet van Peene vestigde zich na zijn opleiding aan de Leuvense universiteit als arts in Gent, met een specialisatie in dermatologie en venerische ziekten. Na enkele jaren besloot hij zich zo goed als volledig te concentreren op een carrière als toneelauteur. 

Van Peene was betrokken bij diverse Gentse toneelgezelschappen en richtte in 1840 Broedermin en Taelyver op. Voor dat gezelschap schreef hij zijn eerste Nederlandstalig stuk: de komedie Keizer Karel en de Berchemse Boer (1841). De vrouwelijke hoofdrol werd vertolkt door zijn echtgenote Virginie Miry, de tante van muzikant Karel Miry. Van Peene ontving in 1858 als eerste de driejaarlijkse Staatsprijs voor Toneelletterkunde. Hij liet een oeuvre na van ongeveer 60 blijspelen, drama’s en opera’s in het Frans en het Nederlands.

Karel Miry was een van de eerste studenten aan het nieuwe Gentse conservatorium en maakte carrière in diverse (vooral Gentse) muzikale instellingen: de Gentse Opera (violist (1843) en assistent-dirigent voor het lichtere genre (1849)), de Minardschouwburg (als dirigent en componist). 

Miry leidde de koorvereniging De Melomanen naar nationale en internationale successen. Later belandde hij aan het conservatorium als dirigent en docent om uiteindelijk als inspecteur van het Gentse (en later Vlaams) muziekonderwijs het muziekleven bij de jeugd te bevorderen. Karel Miry werd in 1860 geridderd voor zijn verdiensten. Net als zijn oom liet Miry een omvangrijk, tweetalig oeuvre na.

Twee autografen

De Vlaamse Leeuw werd door hen beiden geschreven in de jaren 1845 – 1848. Het manuscript met de tekst van Hippoliet Van Peene wordt bewaard in de Universiteitsbibliotheek van de UGent. Het is geschreven op een afgescheurd blad uit een notaboek, met in de marge tal van aantekeningen, rekensommen en krabbels. De titel is De Vlaemsche Leeuw’. Het lied telt vijf genummerde strofen. Op het eind werd het gedateerd: Gent, 22 July 184[?]’. Het laatste cijfer van de datum is moeilijk leesbaar wegens de afsnijding van het papier. De interpretaties gaan van 1845, 1847 of zelfs 1848. Daaronder is een stukje papier gekleefd met een signatuur: Van Peene. Dit werd met zorg gedaan: de voorgedrukte lijnen lopen mooi door.

De eerste gedrukte versie van de tekst van het lied (zonder muziek) verscheen in het zondagsblad Gentsch Vosken van 7 november 1847, met als ondertitel: Nationael gezang’. Er werd in 1851 melding gemaakt van een druk uit 1845 van het lied (een melding die betwist wordt). En het Gentsch Vosken meldt in 1848 dat de bladmuziek (voor klavier en vier of meer stemmen) verkrijgbaar is bij alle boek- en muziekverkopers voor 50 centimen. Geen van deze twee uitgaven (1845 of 1848) is bewaard.

Het manuscript van Karel Miry wordt bewaard in het Gents Conservatorium. Het heeft als titel: De Vlaamsche Leeuw – Nationaal gezang voor Drie stemmen zonder begeleiding’. Miry signeerde het met de melding: woorden door H. van Peene / Muziek door K. Miry’. Opvallend zijn de vele verbeteringen, vooral op de eerste bladzijde. De muziek wijkt af van andere versies door een eenvoudiger, minder gepunt ritme. Dit werk is niet gedateerd, maar in de linkerbovenhoek, onder de doorhalingen, zou men de datum 1870.71’ kunnen lezen, met daarboven de melding: Jongens’. In dat geval kan dit manuscript een bewerking van Miry zijn voor een jongenskoor in het schooljaar 1870 – 71. De Gentse conservatoriumbibliotheek beschikt over nog twee andere autografen van De Vlaamse Leeuw: een orkestbewerking en een versie voor zang en piano.

De Rijn als inspiratie

De Vlaamse Leeuw heeft op meerdere wijzen invloed ondergaan van de spanningen tussen Frankrijk en Duitsland. Die escaleerden toen de Franse politicus en intellectueel Alphonse de Lamartine (17901869) in 1840 het herstel van de Rijn als natuurlijke grens tussen Frankrijk en Duitsland op de agenda zette. Het leidde wederzijds tot polemieken in de pers en inspireerde dichters en muzikanten tot romantisch-patriottische verzen en liederen. Het conflict woog ook op België, bufferstaat tussen beide landen, want een uitbreiding van het Frans grondgebied tot de Rijngrenzen bedreigde evenzeer België. En een annexatie van België zou wellicht het einde betekenen van het Nederlands als lands- en cultuurtaal.

Vanuit Vlaamse artistieke en intellectuele middens sympathiseerde men met Duitsland. De culturele contacten tussen beide volkeren intensiveerden onder meer door het succesrijke Vlaams-Duitse Zangverbond dat zangfeesten organiseerde met koren uit beide landen. Door de Franse politiek werd de Rijn een thema in tal van liederen. Eén daarvan ontstond al in 1840: Der Deutschen Rhein (1840) van de Keulense Nikolaus Becker. Het werd – wellicht in de vroege jaren 40 – bekend in Vlaanderen door toedoen van advocaat Hubert Delecourt. Het is dit lied dat Van Peene onmiskenbaar inspireerde tot de tekst van De Vlaamse Leeuw:

Sie sollen ihn nicht haben
Den freien deutschen Rhein,
Ob sie wie gier’ge Raben
Sich heiser danach schrei’n

So lang er ruhig wallend
Sein grünes Kleid noch trägt,
So lang ein Ruder schallend
In seine Woge schlägt!


Het ritme en de woordkeuze tussen beide hymnen komen opvallend overeen.
Het leeuwenthema dat Van Peene uitwerkte als metafoor voor Vlaanderen, ging mee sinds Hendrik Consciences succesroman De leeuw van Vlaanderen (1838).

Ook de muziek van Miry is geïnspireerd op een Duits voorbeeld, eveneens met een Rijnthema: Sonntags am Rhein (1840) van Robert Schumann.

De Vlaamse Leeuw werd snel populair. Het Vlaams zang- en koorleven smachtte naar Nederlandstalig repertoire en een strijdvaardige hymne die het Vlaamse cultuurleven een hart onder de riem kon steken was meer dan welkom. De Vlaamse Leeuw werd een vaste waarde in het Vlaamse repertoire en in 1985 werden de eerste twee strofen het officiële volkslied van de Vlaamse Gemeenschap.

Bibliografie

  • DEPREZ, A., De Vlaamse Leeuw. Feiten en stemmingen uit de jaren 1840 – 1848, in: Jaarboek. Koninklijke Soevereine Hoofdkamer van Rhetorica De Fonteine” te Gent, 2de reeks, nr. 2, 1960 p. 97 – 155.
  • JANSSENS, T., Rein als zijne akkoorden. Karel Miry. Gent 14 augustus 1823 – Gent 5 oktober 1889, in: De Gentse conservatoriumbibliotheek. Tien componisten in profiel. Op zoek naar muzikaal erfgoed tussen Belfort en Sint-Baafs, Mechelen, 2005, p. 71 – 88.
  • http://​devlaamseleeuwfeitenfouten​.blogspot​.be (blog van Chris Impens)
17-01-2017

Stel een vraag

Heb je vragen of wil je weten wat CEMPER voor je kan betekenen? Laat van je horen!
CEMPER vzw
Zoutwerf 5
B‑2800 Mechelen
O. nr. 0683 772 202
RPR Mechelen